SCHOORL – Bij het monument aan de Oorsprongweg in Schoorl vond donderdagmiddag 11 juni de jaarlijkse herdenking van Kamp Schoorl plaats. Nabestaanden, belangstellenden, vertegenwoordigers van organisaties en lokale bestuurders kwamen bijeen om stil te staan bij de slachtoffers van het voormalige kamp en de duizenden mensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog vanuit Schoorl werden gedeporteerd naar concentratie- en vernietigingskampen van nazi-Duitsland.
De herdenking vond plaats bij het monument naast het Buitencentrum Schoorlse Duinen. Dit monument werd in 1991 opgericht op initiatief van de Stichting Vriendenkring Mauthausen en herinnert aan de mensen die vanuit Kamp Schoorl werden weggevoerd naar onder meer het beruchte concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk.
Tijdens de plechtigheid werd stilgestaan bij de gevolgen van oorlog, vervolging en discriminatie. Sprekers waren onder meer emeritus-hoogleraar internationaal recht en voormalig senator Nico Schrijver en Rozette Kats, oud-bestuurslid van de Stichting Sobibor en gastspreker voor diverse herinneringscentra, waaronder Kamp Westerbork. Beiden benadrukten het belang van het blijven doorgeven van de verhalen van slachtoffers en overlevenden aan nieuwe generaties.
Kamp Schoorl speelde belangrijke rol in de oorlogsjaren
Hoewel Kamp Schoorl minder bekend is dan kampen als Westerbork, Vught en Amersfoort, speelde het een belangrijke rol in de vroege jaren van de Duitse bezetting. Het kamp werd in 1939 gebouwd als legerkamp en kwam na de Duitse inval in mei 1940 in handen van de bezetter.
De eerste gevangenen die in Kamp Schoorl werden ondergebracht waren 427 Joodse mannen. Zij werden tijdens de razzia’s van 22 en 23 februari 1941 opgepakt in Amsterdam. De massale arrestaties waren een reactie van de Duitse bezetter op onrust in de hoofdstad en vormden de directe aanleiding voor de historische Februaristaking.
De Februaristaking van 25 en 26 februari 1941 geldt nog altijd als een uniek protest in bezet Europa. Duizenden arbeiders, ambtenaren en inwoners van Amsterdam, Zaanstreek, Haarlem, Hilversum en Utrecht legden het werk neer uit protest tegen de vervolging van hun Joodse medeburgers. Ondanks het moedige verzet werden de opgepakte mannen afgevoerd naar Kamp Schoorl en later gedeporteerd naar concentratiekampen.
Op 11 juni 1941 volgde opnieuw een grote razzia in Amsterdam. Daarbij werden nog eens 310 Joodse mannen gearresteerd en naar Kamp Schoorl gebracht. Voor velen van hen betekende het kamp het begin van een lange reis langs verschillende gevangenissen en concentratiekampen.
Meer dan duizend slachtoffers
Historici schatten dat ongeveer 1.900 mensen via Kamp Schoorl naar andere kampen werden gedeporteerd. Onder hen bevonden zich voornamelijk Joodse gevangenen, politieke tegenstanders van het nazi-regime en verzetsmensen.
Van deze groep keerden meer dan 1.000 mensen nooit meer terug. Vooral de gedeporteerde Joodse mannen werden slachtoffer van de systematische vernietigingspolitiek van nazi-Duitsland. Van de eerste groepen Joodse mannen die vanuit Amsterdam via Kamp Schoorl werden weggevoerd, overleefden uiteindelijk slechts twee personen de oorlog.
Kamp Schoorl werd later opgevolgd door andere doorgangskampen, maar blijft een belangrijke historische locatie in Noord-Holland. Het kampterrein zelf bestaat niet meer in oorspronkelijke vorm, maar de herinnering aan de gebeurtenissen leeft voort door jaarlijkse herdenkingen, educatieve projecten en onderzoek naar de geschiedenis van de slachtoffers.
Waarschuwing voor de toekomst
Tijdens de herdenking werd niet alleen teruggekeken op de gebeurtenissen van ruim tachtig jaar geleden. De aanwezigen stonden ook stil bij actuele thema’s als vrijheid, democratie, mensenrechten en de gevaren van uitsluiting en discriminatie.
Met het leggen van bloemen en een moment van stilte werd eer betoond aan de duizenden mannen en vrouwen die tijdens de oorlog hun vrijheid verloren. De jaarlijkse herdenking onderstreept het belang van blijvende aandacht voor de geschiedenis van Kamp Schoorl, zodat de verhalen van de slachtoffers niet verloren gaan en toekomstige generaties blijven beseffen welke gevolgen haat, vervolging en oorlog kunnen hebben.










